Collecteren met de smartphone vanaf januari

In de oktober editie van Tsjerkepraat is aangegeven dat er een onderzoek zou worden opgestart om in beeld te brengen op welke wijze we de kerkgangers die op de zondagochtend in portemonnees en potjes moeten zoeken naar kleingeld, kunnen faciliteren. We zijn inmiddels een behoorlijke stap verder en kunnen aangeven dat per 5 januari a.s. geven met de smartphone mogelijk is. Dat betekent dat, als er wordt gecollecteerd, kerkgangers vanaf dat moment kunnen kiezen: geven met contant geld, met collecte bonnen en/of met de smartphone (digitaal geven).

We hebben inmiddels een samenwerkingsovereenkomst getekend en daarmee is de samenwerking met Givt een feit. Givt is een organisatie die het mogelijk maakt aan de collecte te geven zonder contant geld. Het gevoel van geven wordt behouden. Givt wordt in veel kerken gebruikt en ook een aantal stichtingen en goede doelen maken er al gebruik van.

Hoe werkt het?

Wie de Givt- app op zijn/haar smartphone heeft geïnstalleerd kan geld geven. Iedereen die de mogelijkheid wil hebben om met de smartphone te geven kan de Givt app nu alvast downloaden (App Store/Google Play) en zich registreren. Wij gaan binnenkort de collectezakken voorzien van een zender. Op het moment dat tijdens een kerkdienst de collecte wordt aangekondigd wordt de app geopend en toetst de kerkganger in welk bedrag hij/zij wil geven. Daarna hoeft hij/zij alleen nog maar de telefoon langs de 1e collectezak te bewegen. De telefoon is op het moment van geven geen actieve (internet) verbinding nodig met de zender, waardoor het geven heel snel en heel effectief gaat. Let er wel op dat het geluid van de telefoon tijdens de Kerkdienst is uitgeschakeld.

Geven via de app:

• Is simpel en gebruiksvriendelijk voor zowel de gebruiker als de kerk;

• Is een aanvulling op de traditionele manier van collecteren;

• Is anoniem en veilig;

• Is voor de gever aantoonbaar en, mits wordt voldaan aan de regels, fiscaal aftrekbaar;

• Het geven is voor de gever gratis, PGM Hallum betaalt een vergoeding aan Givt;

• Mensen die thuis meeluisteren kunnen ook meedoen aan de collecte door via de app vanuit de lijst onze kerk te selecteren en vervolgens te geven.

Vervolg

Er is informatie beschikbaar en in de eerste weken van januari zullen er binnen de kerk een aantal mensen beschikbaar zijn om, mocht dat nodig en wenselijk zijn, kerkgangers te ondersteunen.

Mochten er nu al vragen zijn dan kunnen die worden gesteld aan Martin Stavleu of Siebe Post, beiden lid College van Kerkrentmeesters of Tjitte Fennema, lid College van Diakenen.

 

Wensen in de wensboom

Bijna 3 jaar geleden hingen we de wensboom aan de buitenmuur van De Hoeksteen. Een plek voor iedereen uit ons dorp om een wens te doen voor iemand anders. De wensen konden in de brievenbus worden gedaan en kwamen vervolgens op een bordje aan de boom te hangen. En wie de wensen las en dacht: daar kan ik aan meehelpen, kon dan contact opnemen.

In de loop der jaren zijn er heel wat wensen gedeeld en vervuld. Mensen zijn met elkaar in contact gebracht, hebben samen gegeten of iets ondernomen, elkaar geholpen bij het computeren of hebben iemand een prachtige dag uit bezorgd. Er zijn klussen verricht voor wie dat zelf niet kon, en er zijn heel veel spullen verzameld voor mensen die daar zelf niet voor konden zorgen. Prachtig! Ondertussen sleet de wensboom steeds een beetje verder in weer en wind en werden er 2 brievenbussen opgeblazen.

We hebben nu besloten om de boom van de buitenkant van de kerk te halen. Maar dat betekent natuurlijk niet dat we er van uitgaan dat er geen wensen meer zijn of kunnen komen. Wanneer er een wens is, mag die nog altijd worden doorgegeven aan één van de pastores. Zij zorgen dan dat de wens bekend wordt gemaakt en dat mensen kunnen reageren om mee te helpen de wens te vervullen. Dus heb je een wens voor een ander: geef het dan door, dan gaan we er mee aan de slag! 

Meditatie

‘Weemoed vervult mijn ziel

nu ik mij herinner hoe

ik meeliep in een dichte stoet

en optrok naar het huis van God –

een feestende menigte,

juichend en lovend.

Wat ben je bedroefd, mijn ziel,

en onrustig in mij.

Vestig je hoop op God,

eens zal ik hem weer loven,

 mijn God die mij ziet en redt.’ (Psalm 42: 5-6)

 

Pas lazen we het, na het eten. En ik schoot vol. Juist die week waren we bezig met het gebruiksplan en het aanmeldingssysteem voor de kerkdiensten in juli en augustus. Niks dichte stoet, niks feestende menigte, niks juichend en lovend. Beperkte plaatsen, looproutes, geen samenzang. Ik slikte. Oprecht verdriet om wat niet kan, en een enorme onrust omdat het allemaal zo in tegenspraak is met hoe je kerk wilt zijn. Weemoed vervult mijn ziel.

Wat kunnen we weemoedig terugverlangen naar wat we zijn kwijtgeraakt. En wat kan de pijn om wat niet meer is ons bedroefd maken, of onrustig. Als je een geliefde verliest. Als je ziek wordt. Eenzaam bent. Als je los moet laten wat je zo graag vast wilt houden. Als je wordt teruggeworpen op jezelf. Als je niet kunt wat je zo graag zou willen. Als je kinderen zich van je los maken. Als er van alles verandert in de maatschappij of in het kerkelijk leven. Als maatregelen je beperken en alle spontaniteit uit het leven lijken te trekken. Wat ben je bedroefd, mijn ziel, en onrustig in mij.

We horen de psalmdichter er mee worstelen. Tranen zijn mijn brood, en heel de dag hoor ik zeggen: waar is dan je God? Zijn belagers vragen het hem spottend, maar hij is er zelf ook mee in gevecht. Ik wil U zo graag weer loven, God. Vertrouwen dat U mij ziet en redt. U ontdekken midden in wat mij overkomt. Als een refrein herhaalt hij steeds opnieuw: vestig je hoop op God! Hij vult de hoop niet in. Vraagt niet om betere tijden, om concrete beloftes van God, om troost of moed, of om een stevige aanpak van zijn belagers. Hij bevecht in zichzelf de ruimte om God geen voorwaarden te stellen. Als dat lukt, als je niet begint bij jóuw voorwaarden, maar bij wie God voor jou wil zijn, schept het enorm veel ruimte. Dan is er geen hoop dankzij de oplossingen, maar ondánks alle verdriet en onrust. Je toevertrouwen aan God, en tegen de klippen op geloven: van U is de toekomst, kome wat komt. Vestig je hoop op God.

Wat mij raakt in deze psalm is dat het verlangen naar God voor de psalmdichter onlosmakelijk verbonden is met het verlangen naar de tempel en naar de gemeenschap van medegelovigen. Deel uitmaken van een groter geheel, samen optrekken, samen feesten, juichen en loven. Misschien is het bij de psalmdichter wel net als bij mij, toen ik volschoot bij het lezen van dit psalmgedeelte: dat waar je naar terugverlangt wordt in je gedachten altijd net een beetje mooier. Dichte stoet, feestende menigte, juichen en loven ... Maar hoe het ook zij, de tempel (voor ons: de kerk) en de gemeenschap die er samenkomt hebben waarde. Niet alleen vanwege de onderlinge ontmoeting, de aanspraak of dat samen zingen gewoon fijner is, hoewel dat zeker meetelt. Maar omdat er geleefd wordt rond het Woord van God, en uit de boodschap van Zijn evangelie. We zijn daar samen in Christus Naam, en zoeken samen een weg in Zijn voetsporen.

Op die weg hebben we elkaar nodig. We maken ruimte voor elkaar, leren van elkaar, vullen elkaar aan en helpen elkaar, spreken elkaar aan, zoeken samen naar toewijding en moedigen elkaar aan. We zoeken naar eenheid in verscheidenheid en oefenen ons geloof als levenshouding. We dragen elkaar in vreugde en verdriet. We zien naar elkaar om in Christus’ naam. Met vallen en opstaan. Maar toch. Gods weg ga je niet alleen. Dat brengen we ons keer op keer te binnen in de kerk en in de gemeenschap die er samenkomt. In kerkdiensten, in doordeweekse ontmoetingen, op alle plekken waar 2 of 3 in Zijn naam bij elkaar zijn. Dat we die waarde opnieuw ontdekken, vorm geven en beleven na een tijd waarin samenkomen in welke vorm dan ook nauwelijks mogelijk was. En dat we samen onze hoop vestigen op God.

Ds. Jeannette v.d. Boogaard-Bongers

Wijkontmoetingen

Ook in maart zijn er weer een aantal wijkontmoetingen. In elke wijk worden de mensen persoonlijk uitgenodigd. De wijkontmoetingen worden georganiseerd rond ons jaarthema: ‘Kijk eens met andere ogen!’ Allemaal mensen uit dezelfde wijk, kennen we elkaar? Zien we elkaar met ogen van herkenning of ogen die zeggen ‘hé, wat fijn dat jij er bent!’ Misschien zie je elkaar voor het eerst. Fijn dat je er bij bent!

Ontmoeting, gezelligheid, verdieping, herkennen, het zijn woorden die passen bij de wijkontmoeting. Jong en oud, zien we elkaar – wat kunnen we voor elkaar betekenen? Wat is belangrijk voor jou? Hoe kunnen we kerk zijn en wat is daarin belangrijk?

We hopen op fijne wijkontmoetingen!

Meditatie - Gods woord wil deze wereld omgekeerd …

 (Bij Exodus en lied 1001 uit het Nieuwe Liedboek)

De wijze woorden en het groot vertoon

de goede sier van goede werken

de ijdelheden op hun pauwentroon

de luchtkastelen van de sterken

al wat hoog staat aangeschreven

zal Gods woord niet overleven

hij wiens kracht in onze zwakheid woont

beschaamt de ogen van de sterken.

 

Zijn woord wil deze wereld omgekeerd:

dat lachen zullen zij die wenen

dat wonen zal wie hier geen woonplaats heeft

dat dorst en honger zijn verdreven

de onvruchtbare zal vruchtbaar zijn

die geen vader was zal vader zijn

mensen zullen andere mensen zijn

de bierkaai wordt een stad van vrede

 

Wie denken durft dat deze droom het houdt

een vlam die kwijnt maar niet zal doven

wie zich aan deze dwaasheid toevertrouwt

al komt de onderste steen boven:

die zal kreunen onder zorgen

die zal vechten in’t verborgen

die zal waken tot de morgen dauwt

hij zal zijn ogen niet geloven.

(Tekst: Huub Oosterhuis)

“Pfff …”, verzuchtte één van de kerkgangers pasgeleden na de dienst. “Dat is geen lied dat je zomaar gedachteloos zingt.” We begonnen die zondag in het Bijbelboek Exodus en we zongen bovenstaand lied. En ze had gelijk. Het is geen lied om gedachteloos te zingen. Er komt nogal wat voorbij. De woorden schuren aan alle kanten. Ze schuren aan ónze ‘wijze’ woorden, aan ónze goede sier en wat bij óns hoog staat aangeschreven. Ze schuren aan wat er in ónze wereld niet deugt. En ze schuren aan onze pijn en ons verdriet; je zult maar onvruchtbaar zijn en deze woorden moeten zingen. Het is een protestlied. Het protesteert tegen wat niet zo zou moeten zijn. Tegen wat haaks staat op het leven zoals God het bedoeld heeft. Het is een lied om tegen de klippen op te blijven zingen. Het biedt geen schrale troost en geen gemakkelijke antwoorden: ook wie durft geloven dat deze droom het houdt zal kreunen onder zorgen en vechten in ‘t verborgen. Maar het zingt van de diepe hoop dat God ons niet aan ons lot overlaat. Dat God zijn weg met ons gaat naar een toekomst waarin het kwade ten goede gekeerd zal zijn. Zoals God in het Bijbelboek Exodus zijn weg gaat met het volk Israël. Wij worden meegenomen naar Gods toekomst. En onderweg worden keer op keer onze ogen geopend voor wat daar niet in thuis hoort. Voor wat is, maar niet zou moeten zijn. We worden geroepen tot protest, in wat je doet en laat, en in wat je zegt en zingt. Als het moet tegen de klippen op: Gods woord wil deze wereld omgekeerd.

 

Ds. Jeannette v.d. Boogaard-Bongers